donderdag 5 januari 2017

De kerstvakantie, de winterjassen en Zoon2

Kerstvakantie jonge. Ik vind ´m aan de lange kant dit jaar.
Als alle feestelijkheden zoals dit jaar in de weekenden vallen, blijven er zoveel dágen over he... Dat hakt er best in, qua activiteiten en dinges met de Zonen. Natuurlijk was er bioscoop en zulks. En hebben we gewandeld. Toen ik ze na veertien keer vragen eindelijk van telefoons af, en in de schoenen had.
Met kerst hadden ze een groot festijn, vanwege omdat er nogal veel families zijn tegenwoordig in hun bestaan. Cadeaus alom en de mooie blousjes waren niet aan te slepen.

Tweede Kerstdag had ik ze niet onder mijn rokken, dus trok zelf een extra korte aan en ging kinderloos op pad naar een familiediner. Dat uiteindelijk de boeken in zou gaan als de beste kerst ever, omdat de avond pas de volgende morgen eindigde. Dit omdat ik met mijn Neef1,2,3 en 4 de stad in ging. Er was heel veel bier, er was een club voor mensen van 18-24 (de leeftijd van de Neven) waar ik heus niet uit de toon viel, er was champagne en er was dans en muziek en ik kon me even niet heugen wanneer ik zo erg gelachen had. Neef3 bleef logeren, we werden wakker terwijl we eigenlijk overleden waren en tot twee dagen later had ik nog een kater. Maar het was het waard.

Met Oud&Nieuw was ik ziekjes, wat heus niks met bovenstaande te maken had. Ik lag om 22.00 te slapen en werd om vijf voor twaalf wakker. Ik dronk mij een feestelijk glaasje cassis, keek naar het vuurwerk en ging te bedde met een kopje thee. Ik droomde over een treurig eenzaam bestaan, maar werd bijzonder verkwikt wakker. En toen was het tijd voor een deugdelijke nieuwjaarsborrel met het Zuske in ons lievelingsetablissement.

Waarna het gewone leven weer aanvang nam. Dat wil zeggen, het Moeder Bestaan. De jongens zijn hier al de hele week en ze zijn naar vriendjes geweest, ik heb mijn hele huis schoongemaakt en ik kookte degelijke boontjes. Vriendin2 kwam nog even langs, Zoon2 werd door oma mee naar de kapper genomen, zodat hij weer uit zijn oogjes kan kijken, en gisteren ging ik winkelen met Zoon1, want ik had een Fashioncheque voor kerst gekregen van Verkering1 van de Echtgenoot. Daar was ik na maanden van niet-winkelen enorm aan toe, dus ik huppelde door de stad, wat Zoon1 niet eens erg vond.

Ik kocht een jurkje, een jasje, en een berg leuk nieuw ondergoed, waarbij ik het het kind niet in zijn hoofd gepraat kreeg dat het wel degelijk uitmaakt wat voor ondergoed je aan hebt als meisje.
'Maar niemand ziet het??!' was hij zwaar verbaasd.
Waar hij natuurlijk ook wel weer een punt had, in mijn geval.

Toen ging ik winterjassen passen. En op elke had hij commentaar.
Te kort, te lang, de kleur niet goed en rare knoopjes.
Toen ik er eentje vond die me goed stond, zo dacht ik zelf, zei hij:
'Ja dat ziet er natuurlijk niet uit. Dat is een heel avontuurlijke jas. Dat is niks voor jou.'
Waarop hij denk ik doelde op de survival-achtige kleur die het ding had.
Ik kon eigenlijk niet anders dan instemmen.

We kochten ons een milkshake, en wandelden rustigjes weer terug naar het station. Want een echt uitstapje doe je met de trein, zo vinden wij.
Daarbij hoefde ik dan niet te fietsen op mijn lekke band.

Want ook dat is gaande. Alles gaat langzaamaan kapot hier in mijn huis. Was het eerst alleen de ketel. Nu hangt ook de deurklink van de keukendeur op apengapen, waardoor ik elke keer bang ben dat ik er nooit meer uit kan. Het handdoekenrekje in de badkamer kan elk moment een dodelijk ongeluk veroorzaken, mijn keukenvloer ligt aan de barrels en gisteren hing de kast in mijn woonkamer ineens scheef. De koelkast maakt een raar geluid en om de beurt vallen alle lampen uit.

Ik vrees dat 2017 het jaar wordt van een nieuw huis. Maar dat zal ik later eens rustig gaan bekijken.
Want eerst is Zoon2 morgen jarig. Zeven jaar wordt het kind, en hij kan niet wachten. Hij ligt nu in mijn bed te slapen, voor de laatste keer, want als hij zeven is, is hij groot en gaat hij in mijn huis ook in zijn eigen bed.

Precies zeven jaar geleden nu, begon het als een malle te sneeuwen en ik te baren. En vannacht om 01.40 is het zeven jaar geleden dat hij kwam, zag en iedereen tot op de dag van vandaag om zijn vingertjes wond.
Morgennacht ga ik werken, drink ik een biertje op mijn mooie kind en zaterdag hebben we feest.
Als ik natuurlijk ooit nog uit mijn keuken kom en de douche overleef. Daar hoort een kommetje wijn bij dunkt me.



woensdag 21 december 2016

Kom ik ook wel weer overheen.

Vanmorgen ging ik door mijn rug. Ik was vroeg wakker, want ik lag er gisteren vroeg in. Zo gaan die dingen. Ik zat aan mijn keukentafel, wilde naar rechts buigen om mijn koffie te pakken, een beweging die ik toch al waarlijk vaker heb gemaakt, en HATSA. Het schoot er in en niet een beetje.
Ik schreeuwde ook niet een beetje. Zo'n pijn deed het. Ik kon me eerst helemaal niet bewegen en keek om me heen, alsof daar ook maar iets was dat me zou helpen, maar nee hoor. Ik zag de keuken. Mijn gare keuken die ik leuk heb gemaakt met al mijn dingesen en waar nu ook nog kerstlichtjes in hangen. Niet alleen voor de kerst, maar omdat ik anders niet kan zien wat ik op de boterhammen van de Zonen smeer, bijvoorbeeld.

GODNONDENJU schreeuwde ik. En probeerde nog een keer mijn koffie te pakken. Je moet toch iets.
Na een tijdje was ik bekomen van de eerste schrik en durfde ik me op iets andere manieren te bewegen. Dat ging met mate. Ik kreeg mijn koffie te pakken en mijn telefoon uit de oplader. Verder bleef ik stilletjes zitten.

Toen mijn ademhaling weer redelijk normaal was, probeerde ik op te staan uit mijn stoel, en schreeuwde nog wat meer, toen ik naar mijn lade liep, waar ik mijn paracetamol bewaar. Ik ken dit, ik heb dit vaker. Eens in de zoveel tijd schiet het in mijn rug. Het zal een zwakke plek zijn, mijn ouders hadden het vroeger ook. Toen de Zonen nog kleiner waren had ik het vaker. Waarschijnlijk vanwege het optillen van het vadsige nageslacht, het in de raar lage bedjes leggen, en het spelen op lage en vlakke oppervlakken. En natuurlijk wanneer ik ze moest opvangen van een val van de trap of zulks.

Plat liggen helpt, zo weet ik. Dus ik sleepte mezelf de trap op, naar mijn sponde. Ik appte Echtgenoot1 en zijn Verkering1, of ze wellicht thuis waren, want ik zag de bui al hangen natuurlijk, woensdagmiddag met allerhande kinderen die eten willen en naar voetbal moeten enzo. Zij waren deugdelijk aan het werk, natuurlijk. Dus ik lag een uurtje in bed, kwam daar nauwelijks meer uit, had een bijna-dood-ervaring toen ik ging douchen en had uiteindelijk kleding aan en nog mascara op ook.

Toen ik eenmaal weer beneden was, moest ik mijn verwarmingsketel weer aan doen. Die is namelijk al meer dan een week niet echt zoals het hoort te zijn. Zat ik eerst twee dagen in de kou. Was ik daarna wel in de warmte, maar was er iets met het water. Er kwam de Echtgenoot, de Buurman en uiteindelijk de Vader aan te pas, en de boel werd bijgevuld, met slangen en dinges en toestand en mijn keuken stond onder water. En nu doet de ketel het. Het is hier warm. Totdat iemand gaat douchen. En op zich woon ik hier alleen, of met drie mensen, en wij willen douchen. Nou dat had ik snel door hoor. Je kunt douchen. Met warm water en alles. Maar daarna slaat de ketel uit en moet hij weer aan. Heel loodgieterig weet ik inmiddels hoe dat moet. En dus doe ik dat. En was mijn haar in record-tempo.

Nu vinden de Zonen mijn douche hier toch al niet al om over naar huis te schrijven, die bij pappa is namelijk een stuk beter. Ben ik het volledig mee eens trouwens, maar ja, niks aan te doen. Dus het kost nog iets meer moeite om de smeerpijpen hier gewassen te krijgen. Boys will be boys.

Morgen is ook nog het kerstdiner van de kinders. Ik moet nog even een sloot gevulde eieren maken, hopelijk gaat dat ook terwijl ik in een rare hoek over het aanrecht gebogen sta. En daarna trek ik een glittertrui aan en ga naar school. Maar natuurlijk niet voordat ik de klas versierd heb. Je bent klassenmoeder of niet natuurlijk. Wellicht dat ik na drie pogingen de glitter uit mijn onderste lade heb kunnen vissen en niet op handen en knieën naar school hoef te gaan.

De sollicitaties blijven vooralsnog onbeantwoord, ik heb geen kleedje voor de kerstdagen en ik heb een naar bericht van mijn huurbaas.
Al met al zou je kunnen zeggen dat dit jaar niet precies zo goed eindigt als ik het graag gezien had.

Maar wat er wel gebeurde. Zoon1 bood aan om zijn broertje naar voetbal te brengen, zodat ik dat niet hoefde te doen met mijn rug.
Zoon2 gaf mij een massage. Hij heeft wonderbaarlijk sterke handjes, trouwens. En ik kreeg vooral veel kusjes. Daar knapt iedereen van op.

En wat voor loser ik mezelf dan ook kan vinden, zonder werk, zonder normaal huis en zonder normale ketel en met Netflix op de meeste avonden. Ik heb de Zonen gemaakt he. En die zijn dus NOGAL goed gelukt. En ze hebben elke dag te eten en een warme douche. En oh man wat klink ik treurig. Maar daar gaat het toch om he, dat wat je doet. En ik doe niet zo heel veel zoals het hoort, het allerbelangrijkste heb ik NOGAL goed gedaan. De Zonen. Die hun moeder helpen, tussen de Pokemon kaarten en Voetbal door.
En dat ik niet bij het bovenste keukenkastje kan voor mijn kommetje, om wijn in te doen. Kom ik ook wel weer overheen. Godnondenju.

vrijdag 2 december 2016

Geloven. Oh jee.

Een mens belooft zo eens wat he, in het leev´n.

Als puber beloofde je op tijd thuis te zijn. Eerst om vijf uur in de middag. Daarna als de lantaarnpalen aangingen. Toen om een uur of tien, want gewoon school de volgende dag. Daarna 01.00 ´s nachts, op zaterdag. Daarna dat je met iemand samen zou fietsen. Om vervolgens ergens om tien uur in de ochtend thuis te komen om dan met de hand op het leugenachtige hart te beloven dat je in slaap was gevallen ergens bij een heel veilig en kuis iemand thuis.

Het begint natuurlijk allemaal in je eerste levensjaren. Dat boontjes lekker zijn. Dat je daar extra snel van groeit. Dat zwarte Piet het ook weet, als je gewoon netjes je brood op eet en ´s avonds na je bad meteen lekker gaat slapen zonder gedoe. Daar houdt Sinterklaas van. Ook in april.

Dat je niet ziek wordt, als je de inenting krijgt in de gymzaal vol krijsende kinderen. Wat denk ik waar is, natuurlijk. Maar het sluit niet uit dat sommige kinderen toch ziek worden.
Dat je niet dood gaat als je maar goed uitkijkt met oversteken. En dat gaat ook niet altijd op.
En doe vooral je jas dicht als je naar buiten gaat. Je zou maar longontsteking oplopen.
De lichten op je fiets moeten aan. Want anders word je aangereden. Tot er een dronken idioot langsrijdt.
En pappa en mamma hebben het beste met je voor. Tot een van de twee gekte krijgt en het hele gezin neersteekt.
En je zal maar pech hebben, de hele tijd je spinazie opeten en potdikke toch kanker krijgen. In plaats van spieren.
Of lezen, in plaats van iPad kijken. En geen vierkante ogen krijgen, maar uitgemaakt worden voor sukkel en je hele jeugd gepest worden.

In een goede groep vriendinnen beloof je elkaar altijd trouw te zijn, te behoeden voor foute mannen, te dronken acties, voor elkaars kinderen te zorgen en altijd een plan van aanpak te hebben in tijden van crisis. Totdat dat een keer toch even niet uitkomt.

En je belooft je zoon, in goede tijden, dat pappa en mamma altijd samen voor je zullen zijn.
Totdat de tijden minder goed zijn en je je niet aan je belofte kunt houden.

En dat de Zoon dat jaren daarna nog weet. Namelijk.

Zoon1 en ik kijken samen de NPO serie 'Als de dijken breken'
Voornamelijk omdat ik dat wilde zien, en ik vond de zoon een prima partner in deze.
Nou, dat is ook zo.
Omdat ik geen tv heb, kijken wij de boel op uitzending gemist, als hij bij me is en Zoon2 te bedde is. Toen ik het eerst voorstelde was hij matig enthousiast, omdat hij dacht dat het een saaie documentaire zou zijn. Na de eerste aflevering was hij om en zitten wij dus elke week aan de laptop gekluisterd bij uitzending gemist.

Het akelige van het geheel is, dat het een nogal realistische serie is, en dat er dus ook mensen al dan niet of bijna ter ziele gaan. In de eerste aflevering was dat heel onfortuinlijk meteen een kind. Van zijn eigen leeftijd.

'Joh' zei ik. ' Dat komt natuurlijk gewoon goed ergens aan het eind. Gelukkig weerzien en alles en dinges' zo deed ik.

Vandaag was aflevering 4. En het vermiste kind werd geïdentificeerd in het mortuarium.
En het kind weet meer dan ik over alles bijna. Maar kende dat woord niet.
'Daar liggen dode mensen'. Mooier kon ik het niet maken.

'EN JIJ HAD BELOOFD DAT ALLES GOED ZOU KOMEN?' Was daar mijn zoon.

'Ja sorry liefje. Echt. Sorry. Ik dacht het echt.' Kwam ik lamlending uit de hoek.

En serveerde in godsnaam maar thee en chocola. Dat hielp wel redelijk.
En met mijn arm om hem heen, kon ik alleen maar denken aan toen de exechtgenoot en ik hem hadden verteld dat we gingen scheiden.
Want waar hij boos om was. Was dat ik het hem ooit had beloofd. In lieve tijden. Dat we misschien wel eens ruzie hadden. Maar nooit zouden scheiden. Nee zeg, ben je gek.
En als hij echt kwaad op me is, dan gooit hij me dat voor de voeten.

'Oh ja? Jij maakt mij op tijd wakker morgen? NOU IK ZET ZELF WEL DE WEKKER'
'WE ZOUDEN MACARONI ETEN EN JIJ KOMT MET BROCCOLI AAN?'

Jij doet nooit wat je belooft. Mamma.

En dat is natuurlijk niet waar. Ben vrij eerlijk type. Maar ik snap hem wel.
En dan gelooft Zoon2 nog in Sinterklaas dit jaar.

maandag 21 november 2016

Zo werkt het in het echt.

In films kijken mensen altijd op een gegeven moment in de spiegel. Ze poetsen hun tanden, of passen een jurk, of lopen langs een etalage. En zien zichzelf. En dan komen ze altijd tot een of ander inzicht. Wat te doen, of juist niet te doen. De juiste keuze, de goede beslissing, een make-over, een wereldreis of een road-trip met vrinden naar het een of ander.

Dat heb ik dus nooit.

Vandaag zei Zoon1 tegen mij: 'Hoe lang sta jij per jaar in de badkamer mamma'?
Ik had daar waarlijk geen antwoord op. Weet ik veel. Ik heb een onwijs gare badkamer. Heeft niks van een Spa of een anderszins relaxte omgeving. Sterker nog, er ligt altijd een plas water waarvan niemand weet waar het vandaan komt en dus hebben wij altijd allemaal natte sokken.
Dus ik zei: 'Weet ik het liefje, maar hoezo?'

Bleek dat hij ergens had gelezen dat vrouwen gemiddeld een jaar van hun leven in de badkamer doorbrengen.

'Nou, dat geldt voor jou niet hoor moeder.' Zo sprak het kind.

'Wat? Hoezo?' Deed ik heel hygiënisch.

Het bleek dat hij bedoelde, dat hij had gelezen dat vrouwen altijd eeuwen in de badkamer zijn, om hun haar te föhnen en hun mascara op te doen en alles.
En ik doe dat beneden voor de spiegel. Haha.

Het gaf mij dus wel te denken. Want een badkamer is in films altijd een belangrijk ding. Daar zetten mensen een kraan aan, om te doen alsof ze bezig zijn met iets, in plaats van hun beste vriend of vriendin bellen, aangaande de eventuele te gebeuren activiteiten aangaande bloterigheid. Ja ik verzin het niet he. Films.
Of ze willen weten waar hun pistool is gebleven of de auto of het gestolen geld of de veertien padvinders die ze ontvoerd hadden.

Maar dat doet niet ter zake.

Ik kwam te denken, door die spiegel.

Want ik zag mezelf dit weekend een paar keer, waar ik niet content mee was hoor.

Het was mijn KinderWeek, wat betekent dat ik ze lekker vijf dagen achter elkaar bij me had. In het kader van het co-ouderschap is dat namelijk de ene week anders dan de andere. Het is goed voor iedereen, zo'n week. Gezond eten voor mij voor iedereen, op tijd naar bed voor mij lekker samen slapen, en regelmaat VOOR MIJ.

Zaterdag was er voetbal. Ik vind dat leuk, oprecht. Als het niet regent natuurlijk he. Want de Zonen moesten allebei vrij vroeg in de ochtend, en het was helemaal geen lekker weer. Ik kocht een koffie of acht, sleepte dat sloffend over de velden naar een aantal aardige ouders toe en juichte Zoon1 toe. Hij verloor met maar zeven punten verschil, wat een peulenschil is.
Zoon2 won als een malle met zijn team, waarbij ik banaan uitdeelde. Iedereen is om de beurt aan de beurt voor het fruit moment.
(fruit moment. HAHAHAHAHAHAHAHHAHAHA)

Bij thuiskomst gooide ik de Zonen onder de douche en nam mijzelve nog een koffie of wat. Keek in de spiegel en zag een verzopen iemand, maar ik droog aardig op. En toen ging het wel weer met ons allemaal. Behalve dat Sinterklaas aan zou komen bij Oma om de hoek. Natuurlijk gingen we daarheen. En hee, het weer leek opgeklaard zeg.

We zagen de Goede Sint al lopen, met een paar prachtige zwarte Pieten om zich heen, en Zoon2 werd direct zeeeeer enthousiast. Zoon1 eigenlijk ook, maar we deden net alsof dat niet zo was. Hij is namelijk net elf geworden he.

Er was een Huis Van Sinterklaas waar het kind zijn kleurplaat mocht inleveren, wat een kleine discussie opleverde, want ik zag een stapel met kleurplaten, wat mij heel duidelijk leek, maar toen was er een jongetje, dat heel onfortuinlijk 'Donny'heette, die zei dat je het ook persoonlijk aan Sinterklaas mocht geven.
Nou, dat vond Zoon2 wel een puntje. Wat te doen.
Ik was er eigenlijk al beetje klaar mee, omdat het een nogal vol Sinterklaashuis was, met een hoop mensen waar ik helemaal geen vrienden mee wilde worden, dus ik was wellicht wat ongeduldig.
Wat niet werkt bij kinderen.
Wat ik na elf jaar best had kunnen weten.
Als er een spiegel was geweest, had ik mij dat beseft misschien.
(verwrongen gezicht, al drie uur niet gerookt en omringd met mensen die muntthee drinken)

Toen bleek ook nog dat er foto's konden worden gemaakt met de Pieten en dat Sinterklaas net binnen kwam. Ik keek paniekerig om me heen, en dat zag Zoon1.
'Ga maar naar buiten en geef mij je telefoon'. Zo beveelde de mini-volwassene.
En maar al te graag gaf ik gehoor hoor.

Na een geruststellend onderkomen onder een afdak, terwijl het hels was gaan hagelen, kwamen de Zonen tevree terug, met foto's, pepernoten en godbetert een mandarijn, die ze van Sinterklaas hadden gekregen.
En blij dat ze waren.
Ik was vooral koud. En klaar met de dag eigenlijk.
En ergens in mijn koude lichaam blij dat zij dan weer blij waren met een mandarijn.

Op naar oma. Want wat doe je, koud, laat, excited levensmoe en in de buurt? Naar je moeder en vader.

Na de thee en koekjes was er de onvermijdelijke weg terug naar Het Naburige Dorp.

Maar de weg was glad.
Mijn Zoon1 vindt overal wat van, en vindt dus ook dat je kunt fietsen op een gladde weg, dus ik liet hem maar gaan. Niet nadat ik hem had verteld dat als hij zou vallen en beide beentjes breken, ik niet echt vlakbij zou zijn.

'Gelukkig niet' hoorde ik nog net in de hagel-storm.

Zoon2 en ik liepen samen over de weg. Hij wilde best fietsen. En hij zei het zo zoet, dat ik het ook probeerde. Na vijf meter begaf mijn fiets het.
De spiegel keek hoofdschuddend toe.

Ik zei dat Zoon2 ook wel mocht gaan fietsen, en zijn broer zou dan wel de deur voor hem open doen. Maar neeeeee, het schaap wilde bij mij blijven.

De spiegel keek liefdevol.

Het ging regenen. We werden heel, heel erg nat. Zo nat dat je je bewust raakt van je ondergoed. Dat je SSSJSSJJ hoort bij elke stap die je zet. En dat je je vingers niet meer voelt.

Ik deed de capuchon van Zoon2 op zijn hoofdje. En klatste een litertje of wat op zijn gezicht.
Ik hield mijn adem in.
Maar hij is pas zes, en vond dat dus grappig.

De spiegel keek opgelucht. Want een driftbui was echt niet op haar plaats geweest.

We liepen naar huis.
En aldaar slingerde ik ze beiden onder de douche en in warme kleding. De verwarming hoog en Netflix aan.
Ik serveerde chips en kommetjes thee.

Had ik iemand nodig gehad? In het weekend met mijn jongens?
Nee.
Was het fijn geweest om niet alleen te zijn? Na zo'n gedoe en kou en dinges?
Ja.

Zo bedacht ik me, nadat ik in bed ging met een kommetje thee.

En toen ik wakker werd was dat door Zoon2 die bovenop me lag. Met zijn hele gewicht en mij kusjes gaf.
'Heeee mamma, ben jij wakker>'
'Ja schatje, nu wel ja'

'Wil jij mijn Pokemon kaarten zien??'

Nee. Zei ik in de spiegel.
Maar ik zei Ja tegen de Zoon. Want zo werkt het in het echt.




maandag 7 november 2016

Want blond is heel volwassen. En zo blijft het.

'Jij bent ook niet makkelijk he, mamma.'

Aldus Zoon2 van de week toen ik hem van school haalde.
Ik vond dat bijzonder grappig, zoals ik meestal eigenlijk dat soort dingen van de jongens vermakelijk vind.
Ik snap het altijd zo goed. Zij moeten er ook altijd maar mee omgaan, de dingen van mij des levens.

Waarom het kind het nodig vond dat te zeggen, ging over het feit dat ik had medegedeeld dat ik mijn haar maar weer donker ging verven. Ik was er opeens zat van zeg, dat ontzettende blonde. Zo hysterisch en alles.
Dus ik vertelde het rond, kocht donkere verf en verzon allerhande redenen waarom het een goed idee was. Ja zeg, ik zou er immers enorm volwassen en serieus uitzien, opeens. Ik zou allerhande banen in schoot geworpen krijgen en bovendien staat het zo leuk bij mijn ogen he.

De Zonen waren allerminst geamuseerd hierover.
'Wij vinden jou mooi met wit haar, mamma' zo deden zij complimenteus en dramatisch bovendien.
'Wij houden van jou, met je haar zo blond mamma' waren zij het opeens broederlijk met elkaar eens.

Buiten dat ik natuurlijk enorm gecharmeerd was van de complimenten, bleef ik voet bij stuk houden. Ik had het erover met Buurman2, die het een goed idee vond. Ik had het erover met de Vriendinnen die net deden of ze deze discussie met mij niet al twaalf keer gevoerd hadden, en mijn moeder trok een bedenkelijk gezicht.

Vlak daarna was mijn aandacht alweer afgeleid, want Zoon1 zou jarig zijn. Nu ben ik buiten alles om ook nog eens een emotioneel nogal instabiel type, als het gaat om de Zonen en al helemaal als het gaat om verjaardagen. Ach, de pupkes zijn nog zo jong he. En ze denken nog dat het leuk is om jarig te zijn en alles, en ouder te worden. En dan vooral Zoon1, die al zo groot is, en slim en alles. Elf jaar ging hij worden zeg. Maar of hij zeven werd, zo spannend was het toch allemaal. Wat ging hij krijgen, zouden er slingers zijn en wie zouden er allemaal op bezoek komen.
Zoals dat gaat met kinderen, was er eerst vrolijke spanning, die rustig aan omsloeg in spanning van een minder gezellige soort. Aan mij als moeder om dat in banen te leiden natuurlijk. Ware het niet dat ik niet bepaald de rust zelve was. De hele week was ik al iets na zessen wakker geworden door Zoon2 in mijn bed, en er waren ook avonden bij geweest dat ik niet perse vroeg in bed was. Tevens had ik bedacht dat ik zelf taart ging maken, had ik een recept van een of andere cake met chocola en besloot ik dat ik voor het eerst in mijn leven zelf soep zou maken. Ja hoor, ik ben van de timing. Gelukkig moest ik de dag van te voren ook nog naar het voetbalveld, uren lang, omdat beide kinderen moesten spelen, heel handig met ruim een uur ertussen.
'Je komt toch zeker wel kijken mamma?' Met onschuldig glanzende oogjes.
Serieus, wat is dat met kinderen en de blik in hun ogen?
En zo stond ik dik ingepakt aan de rand van het veld, zaterdag, vanaf half negen. Niet dat dik inpakken helpt tegen regen hoor, dat niet.

En ontmoette ik ook nog even de moeder uit het team van Zoon1, waar ik over de app een klein akkefietje mee had gehad, in het kader van de korrels en zo. Ik kende haar niet in het echt, dus gaf netjes een hand, toen ik haar zag. Toen bleek dat zij het was, deed ik een beetje lacherig, zo van 'hahhaa, oh, nou jaaaaa, leuk kennis te maken.'

Vond zij helemaal niet hoor.

Nou, mooi dus geen koffie voor haar gehaald. Puh.

Evenwel was ik zaterdagavond opeens druk met het versieren van mijn huis, samen met Verkering1 van de Exechtgenoot en kwam er bezoek uit allerhande hoeken, waar ik erg van hou, en de kommetjes wijn vloeiden als uit zichzelf vol.

De volgende ochtend vond Zoon2 het wederom om zes uur een mooi moment om te ontwaken. Vond ik helegaar niet en ik stuurde hem liefdevol maar best wel dwingend weg om ergens op een scherm te gaan zitten kijken. Natuurlijk niet al te lang, want er moest gezongen worden he, voor de jarige.

En zo was er een kaarsje op een taartje. En een heleboel heel luid gezongen liedjes, zo in het gezicht van de net wakkere Jarige Zoon1. Vond ie leuk.
Cadeautjes, croissantjes, huppetekee. Allemaal in het grote bed. Het grote bed dat niet meer het grote bed is, als het net zo goed een eenpersoonsbed kan zijn, vind ik. Dacht ik aan. Maar dat liet ik niet merken hoor. Ik was superfeestelijk!

Normaal doen wij op zondag uitgebreid aan slonzen en rondhangen, maar dat was er nu niet bij. Ik begon aan de soep, aan de taart, aan de cake en aan de hapjes en aan alles wat er zo bij een verjaardag komt kijken. Ik zette de radio hard, liet Zoon1 heel veel appels in stukjes snijden, splutste mijn hele keuken onder de pompoen soep en redde het leven van beide Zonen, die niet meer konden leven met de spanning, zo bleek, omdat ze elkaar bijna de nek omdraaiden. Nadat alles klaar was, de kaarsjes in de taart, het huis weer schoon en, trouwens, mijn haar nog immer blond, want geen tijd, gingen we naar Huis1 van de Zonen. Namelijk was daar het Grote Cadeau. Zoon kreeg een nieuw ingerichte kamer. Met nieuwe spullen en helemaal mooi en netjes en leuk. En kaartjes voor zijn favo voetbalwedstrijd. Vervolgens weer hop, naar mijn huis. Waar het bezoek allemaal aan kwam zetten. Inclusief mijn lieve ex schoonfamilie, wat nogal leuk was. Nondenju, wat groeien ex-neven als je ze een paar jaar niet ziet. En wat kreeg Zoon1 mooie dingen. En opa en oma en de buren en de allerliefste tante en oom en de Echtgenoot van Vriendin2, en iedereen at taart en dronk wijn en het was een hele familie zeg.

De Exechtgenoot en Verkering1 bleven eten, en we hadden aan tafel een gesprek over wat we allemaal zo leuk aan elkaar vonden. Ja, we zijn een schattig gezin zo bij elkaar. De Man is grappig, Verkering kan goed koken, Zoon1 heeft humor en Zoon2 kan vet goed voetballen. Ik kan niks, maar ben gewoon wel 'heel lief'. En weet je wat, daar doe ik het voor hoor

Het was waarlijk allemaal liefdevol en leuk en lief, tot natuurlijk dat voorbij was, vanwege omdat een van de Zonen het nodig vond om een driftbui te krijgen. Ach, zo gaan die dingen.

Natuurlijk kwam daarna het moment dat iedereen inderdaad allemaal naar hun eigen huis ging. En de Zonen naar bed.
Zat ik in mijn keuken. En het onvermijdelijke kwam daar hoor.
Ik keek om me heen naar de chaos. En het is elk jaar hetzelfde.
Vroeger was het, ook kijkend naar de bende, en dan samen nog wat drinken en napraten en alles.
En nu al twee jaar, kijk ik naar de bende, en huil even heel hard.

En ging naar boven om Zoon1 nog een kusje te geven. Die ook al lag te huilen in zijn sponde.
Want net waren we allemaal samen. En nu niet meer. Zo sprak hij uit, wat ik dacht.

'Ja schatje, ik vind dat ook, maar wat was het een fijne dag he!' Deed ik.

Kunnen Pappa en Verkering niet gewoon ook hier wonen? Of jij bij ons in Huis1? Wilde het kind weten. En even was hij niet elf, maar zes.
Want Zoon2 heeft ook altijd zulke ideeën. Leuk, maar niet zoals dat gaat. En ik was moeder en verstandig en volwassen. En ik wist m te kalmeren en uiteindelijk nog wat stomme grapjes te maken ook nog. Kan ik hoor.

En ik was dus al volwassen potdikke. En serieus. Ik blijf dus ook gewoon blond. Niet de makkelijkste weg, en ook niet makkelijk zoals Zoon2 mij vindt. Maar wel zoals het is.




zondag 23 oktober 2016

Waar ik ook ben, tapsgewijs en liefdesgewijs.

Sinds het hele akkefietje rondom de scouting en alles, lijkt het wel of ik andere gesprekken voer. Buiten dat er wildvreemden mij op Facebook aanspreken, heb ik de laatste tijd sowieso nogal wat aanspraak gaande.
Dit heeft wellicht ook te maken met dat ik in andere omgevingen en bij andere mensen verkeer, tegenwoordig. Dit heeft ook van alles te maken met dat ik aan het solliciteren ben. Dan kom je nog eens ergens he.

Zo was ik bijvoorbeeld in in een dorp hier vrij dichtbij, maar toch hier ver vandaan. Het was namelijk niet te bereiken zeg. Ik ging potdikke met een trein en een bus, en daarna zou ik een stukske lopen. En zo kwam het dat ik een ongelooflijk end langs een of andere verlaten dijk liep te lopen, en geen idee had waar ik was. Uiteindelijk kwam het goed hoor, omdat ik werd opgehaald door een van de aardigste mensen ooit, die mij naar zijn vrouw bracht, met wie ik zou werken, die ook al zo aardig was. En ik werkte achter de bar. Want dat doe ik. En ik had het naar mijn zin en ik deed mijn best en ik dacht waarlijk hier een baan te pakken te hebben. Maar toen bleek bij nadere inspectie van het openbaar vervoer, dat ik daar helemaal niet kan werken, omdat ik dan nooit meer thuiskom na een avond aan de arbeid. En op zich wil ik wel naar huis, uiteindelijk.

En zo was ik een ervaring rijker. Het werk was namelijk in een sportcomplex, en wie mij maar een beetje kent, die lacht zich een slag in rondte, want sport en ik in één zin....dat hoor je niet vaak. Maar toch was het leuk, en vooral om alle aardige mensen. Maar ja, heen en weer kunnen is op zich wel essentieel voor een leuke woon-werkverhouding.

Wat iets makkelijker gaat, is mijn werk in Amsterdam, in een kroeg op de Wallen, waar ik achter de bar sta en belachelijk veel plezier in heb. En ook daar is de communicatie soms wat anders dan anders. Gedurende de avond zie ik diverse personen, gezelschappen en anderszins samengestelde groepjes, veranderen van de vrijdagmiddagborrel in een nacht vol plezier, drank, gelal, soms ruzie, veel geleuter, enige treurnis, geregeld wat dronken liefde en dan ook af en toe wat anders.

Er was gisteren een groepje uit een dorp in de Betuwe. Drie ontroerend jonge jongens die bier dronken, op zoek naar mooie meisjes en dronkenschap. Nog te jong om te weten dat die twee meestal geen goede combinatie zijn. Eentje had dezelfde naam als Zoon2, waardoor ik met hem natuurlijk een enorme band had, zo dacht hij. Ik gaf hem een gratis bier, omdat hij nou eenmaal een prachtige naam had, ontzettend schattig was en ook omdat zijn bier half was opgedronken door de gare kerel naast hem aan de bar.

De kerel die ik eerder al had gezien en die mij toen maar niks vond, niet goed genoeg om hem te bedienen, neen, dat moest gebeuren door mijn collega.
'Whatever' dacht ik, en vond hem eveneens niet aardig.

Maar, zo bleek, deze week vond hij mij opeens wel heel aardig. Wat hij liet blijken door op ranzige en bovendien zeer onaantrekkelijke wijze steeds zijn tong te laten zien. Was ik niet bijster van onder de indruk. Natuurlijk schonk ik hem wat hij wilde, en zag hem na slechts vier drankjes afglijden tot een nog akeliger versie van zichzelf. Een niet begerenswaardig iemand. Nadat hij al een uur droog stond, omdat hij mij steeds wilde betalen met drie muntjes van twintig cent en een treinkaartje, verliet hij het pand, wat gewaardeerd werd door iedereen in het algemeen, en mij in het bijzonder. Dit natuurlijk niet nadat hij even had gevraagd of ik wellicht meewilde, en dat hij de een of andere schunnige handeling bij mij kon doen, of andersom.

Ook in het etablissement aanwezig, was een groep van een man of vijf, uit Amsterdam, de grote stad, zelf. Ik denk dat het makelaars waren. Makelaars op een vrijdaguitje, waarvan eentje zijn vriend uit de bouw had meegenomen, (want heel brede schouders) en eentje zijn neefje die nog maar net 20 was en nodig eens op de Wallen moest zijn. Denk ik, hoor. Het neefje had moeite met het tempo waarin bier werd besteld, de breedgeschouderde was cool en eigenlijk de aardigste en de drie anderen dronken of het een lieve lust was en vonden het nodig om mij te ondervragen over mijn leev'n.
Net toen ik klaar was met vertellen dat ik in het dagelijks leven aan professioneel bloemschikken doe en zeven bloedjes van kinderen heb van vier vaders, kwam mijn vader binnen.

VADER! Riep ik. En tapte rap een bier zeg.

Nou, dat was me daar een evenement. 'DE VADER VAN KRISTEL IS ER!' En de man werd Pa genoemd door iedereen en kreeg bier of het zo uit de tap vloeide zeg.
Oh.
Hij schrok een beetje, dat zag ik wel. Maar dat kan hij best hebben. Net als ik. We komen uit een goed nest he, zal ik maar zeggen. We schrikken niet snel en zien nogal gauw de grap van de dingen des levens in. Dus mijne vader hield zich goed stand in de bieromgeven omgeving.

Voorts moest ik opeens weer allemaal vragen van een van de makelaars beantwoorden.
'Wat was toch eigenlijk de zin van het leven?' Zo wilde de man weten.
'Waar heb je het over?' Deed ik heel ik-heb-het-allemaal-al-gehoord.

Nou, hij had geen idee. 'We lopen toch tegen de veertig' vond hij.
Vond ik helemaal niet.

Hij had geen idee wat hij moest, en had hij doel in leven?
'Heb je kinderen?' Vroeg ik dan maar, interesse veinzend.

Nou, en toen ging hij los.
Nondenju wat ging hij los. Ik hoefde nog net niet de bevallingsvideo te zien, maar het scheelde weinig. Ook was hij per direct emotioneel, wat misschien iets te maken had met zijn alcohol inname, maar het was niet minder schattig hoor. De man wilde stante pede terug naar moeder de vrouw en baby het kind en hij zag mij als zijn redder en zijn goeroe en zelden had hij zo'n goed gesprek gevoerd zeg.
Nou, daar ben ik voor hoor, zei ik natuurlijk heel medelevend. En of hij misschien even de schrikbarende rekening wilde betalen?

Een fooi van heb ik jou daar.

Mijn vaderke zat inmiddels op een droogje, maar moest ook weer de trein halen. Dus niks aan de hand, vader-dochter-gewijs.

En zo lag ik vanmorgen om een uur of half zeven in mijn bed. Goed gewerkt. Redelijk verdiend. En toen ik wakker werd ging ik Zoon1+2 halen, want die sliepen een nachtje bij omaen opa.

En toen ik ze weer had, met een hoofd vol watten natuurlijk, want veel te weinig slaap, toen wist ik het ja. De makelaar man had gewoon gelijk. De kinderen zijn het wel. Want wat is het anders.

Oh wat kan ik lachen. En oh wat heb ik een lol. Maar wat het echt kan zijn. Dat heb ik niet. Maar wat het echt is, dat zijn de jongens. Hoewel de communicatie daarmee vooral uit 'nee' bestaat. Kussen en knuffelen doen ze altijd. Zonder enige bijbedoeling, ook al is de tap gesloten. Omdat ze mij superlief vinden. Waar ik ook ben.

maandag 17 oktober 2016

Want paardenmeisjes, daar hou ik dus helemaal niet van.

Nou nou, wat een toestand. Het was natuurlijk allemaal reuze leuk, het stukske in de krant, mijn stukske hier, over dat ik niet perse van de Scouting mijn nieuwe hobby wil maken, en alle reacties die daarop kwamen. Bijna alle reacties dan.
Er waren mensen die zeiden dat ze het leuk vonden. Er waren mensen die tóch heel erg wilden laten weten hoe fijn hun scoutingclub is, en er waren mensen die ergens in het midden stonden van die twee.

Er waren er ook een paar die het nodig vonden om mij persoonlijk aan te vallen.
Met een persoon in het bijzonder.

Die dacht een mening over mij te kunnen hebben op basis van mijn haarkleur. En over de manier waarop ik mijn wijntje wens te consumeren. En wenste te willen vermelden dat zij mij iemand zonder eigen identiteit vond, die met De Massa schijnt mee te lopen.

Ik schrok er waarlijk een beetje van. Natuurlijk lachte ik eerst heel hard hoor, want het was gewoonweg bespottelijk. Maar daarna ging ik er nog eens over nadenken. Een wildvreemd iemand gaat dus na een stukje dat ik schreef, op mijn facebook kijken. Foto's van mij bekijken, lelijke dingen over mij opschrijven en vindt dan ook nog dat ze heel goed bezig is. Toen er vervolgens mensen gingen reageren op haar, vond zij die 'bekrompen'.

Natuurlijk keek ik ook even op haar pagina. En zag een meisje. Vrouw. Die haar eigen naam afkort. Daar hou ik dus al niet zo van. Verder zag ik iemand die zich opmaakt, niet gehinderd door enig gevoel van kleur of het juiste gebruik van een oogpotlood. Ook houdt ze erg van dieren, want ik zie paarden, vogels en honden. Dus ik denk dat het zo'n type is die Meer Van Dieren Dan Van Mensen Houdt. Wat meteen ook duidelijk maakt waarom ze niet zo heel goed is in communicatie, gezien haar reacties op mijn tijdlijn. Met een paard praat je doorgaans toch anders dan met de volwassen homo sapiens, immers. Ze woont hier een eind vandaan, wat heel prettig is wat mij betreft. Want ik zou haar niet graag in levende lijve tegenkomen. Alleen al omdat je met zo'n persoon nooit weet of ze misschien een bijl bij zich draagt.

Maar, het verschil hier is, dat ik niet op haar tijdlijn allemaal lelijke dingen ga schrijven. Omdat ik haar namelijk niet ken. Ik wil haar ook niet leren kennen. En ik heb zéker een mening over hoe ik denk hoe ze is. Als persoon. Maar ik ga dat niet lopen spuien. Omdat ik namelijk ook best nog wel andere dingen te doen heb. Belangrijker zaken. De was, bijvoorbeeld. En ik weet nog helemaal niet wat ik morgen ga eten. En prioriteiten he.

Maar ik bleef me verbazen. Niet alleen over voornoemde juffrouw. Maar vooral over het feit dat zo vreselijk veel mensen de moeite nemen om, als ze iets lezen waar ze het niet mee eens zijn, dan op facebook op te gaan zoeken wie al die muiterij geschreven heeft en dan enorm te gaan reageren. Achter hun laptop, zie ik dan zo voor me. Kopje koffie erbij, mijn naam intypen en dan gaan lallen over een onderwerp, tegen iemand die ze niet kennen. Ik krijg de neiging om te gaan schrijven over diverse andere hobby's, sporten, liefhebberijen en verzamelingen. Kijken wat er gebeurt. Of zal het specifiek iets van de scouting zijn?

Aan de andere kant dacht ik juist na over het hele social media, en wat een achterlijke aangelegenheid het is, dat je niet als zomaar iemand een klein meninkje kan hebben, zonder dat dan allemaal mensen daar weer wat van vinden.

Vroeger denk ik, werd er hooguit een brief geschreven door een of ander zuur iemand, die het niet gepast vond dat er in de krant iets stond over een onderwerp. Die brief werd dan gepubliceerd en daar werd dan een beetje over gegrinnikt of er kwam een tegenbericht op, of er werd misschien een gesprek over gevoerd zo her en der. Nee, nu niet hoor. Nu heb je met één druk op de knop je reactie geplaatst, weet de halve wereld wat jij er van vindt en kun je lelijk doen tegen wie je maar wilt.

En ik schreef mijn stukje niet om lelijk te doen he. Ik ventileerde mijn mening over iets. En dat deed ik niet om iemand te kwetsen. Waarom zou ik? Maar de jongedame die het nodig vond om op mij te reageren, deed dat wel. Expres.

Misschien moet zij maar eens fijn knopen gaan leggen in haar Wifi kabeltjes thuis. Een nieuw scouting dasje in elkaar knutselen van de knopjes op haar toetsenbord en lekker gaan paardrijden in plaats van wildvreemde mensen beledigen.

En trouwens. Paardenmeisjes. Daar hou ik dus helemaal niet van he.